Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Daar zat ik dan; in de Torenzaal in het Centrum voor de Kunsten midden in Utrecht, klaar voor een seminar welke handvatten moet geven of resultaatgericht indiceren nog kan in de Wmo. De eerste sprekers zijn advocaten. Beide heren leggen uit dat de hoogste rechter heeft bepaald dat indiceren in resultaten niet mag. De burger moet weten op hoeveel tijd hij recht heeft. Hoor ik dat nu goed? In uren indiceren? Gaan we terug in de tijd?

Natuurlijk begrijp ik dat een klant wil weten welke dagen, hoe vaak en hoe lang de hulp komt. Vanuit dat perspectief vind ik het logisch dat de rechter zegt dat de burger recht heeft op een beschikking in tijd. Maar waarom waren we resultaatgericht gaan indiceren? Volgens mij had dit te maken met het feit dat tijd ook niet alles zegt over het resultaat of de kwaliteit van de geleverde ondersteuning.

Vervolgens ging het in het seminar erover dat de tijd onderbouwd moet zijn door een norm. Hoe je aan de tijd komt moet terug te vinden zijn in het beleid. Aan dit beleid moet een objectief en onafhankelijk onderzoek ten grondslag liggen. Tot op heden heeft de rechter het CIZ-protocol en het KPMG/HHM-rapport ‘Normering van de basisvoorziening Schoon Huis’ als objectief en onafhankelijk bestempeld.

Echt waar?!? Het CIZ-protocol? Dus een protocol van 13 jaar geleden is de norm? Ook hier gaan we terug in de tijd. Ondertussen is de norm over wat een schoon huis is wel degelijk veranderd. De norm moet dan dus ook veranderen. Het rapport van KPMG/HHM lijkt meer van deze tijd. Uit de rechtspraak is wel al duidelijk geworden dat dit rapport niet één op één overgenomen kan worden. Als gemeenten zal je wel een ‘vertaling’ moeten maken naar de individuele situatie.

Als laatste werd er in het seminar de inkoopkant belicht. Waarbij opgemerkt moet worden dat inkopen wat anders is dan indiceren. Indiceren gaat over de relatie tussen de gemeente en de burger. Inkoop gaat over de relatie tussen de gemeente en de aanbieder. In de inkoop is resultaatgericht financieren gestimuleerd vanuit aanbestedingswet/EU-richtlijnen. Dit stimuleert namelijk innovatie. En toen was ik het spoor even bijster.

Nu ben ik tot de volgende conclusie gekomen. We moeten wél resultaatgericht blijven indiceren. Alleen deze resultaten moeten wel met een norm die onafhankelijk en objectief is vastgesteld c.q. vertaald worden naar tijd. Zo behouden we de vooruitgang en gaan we niet helemaal terug in de tijd.

Carima Verhagen

Carima Verhagen

Carima Verhagen is adviseur bij Factum Advies.