Wmo-convenant: florissant of irritant…

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Het Wmo-convenant is een overeenkomst tussen de Vereniging Nederlandse Gemeenten en de aangesloten aansprakelijkheidsverzekeraars. De gemeenten ontvangen een bedrag per inwoner waardoor letselschadeslachtoffers in aanmerking kunnen komen voor maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo. Hiermee is het regresrecht door de aansprakelijkheidsverzekeraars afgekocht bij 386 gemeenten, 2 gemeenten doen niet mee.

Is het Wmo-convenant voor de gemeente wenselijk?

Soms. Vóór intreding van het convenant moest de gemeente de kosten verhalen bij de aansprakelijkheidsverzekeraar wat veel overleg en administratie met zich meebracht. Door het convenant heeft de gemeente zicht op het welzijn en functioneren van het slachtoffer met zijn beperkingen. Het slachtoffer is daarmee in het vizier, wat handig is wanneer er in de toekomst een beroep wordt gedaan op de Wmo. De gemeente blijft betrokken bij zijn inwoners. Echter: de afkoopsom van een vast bedrag per inwoner kan voor de ene gemeente wel en de andere niet gunstig uitpakken. Dit heeft te maken met het aantal inwoners per gemeente en het aantal slachtoffers per jaar dat een beroep doet op de Wmo.

Is het Wmo-convenant handig voor de aansprakelijkheidsverzekeraars?

Soms. Wanneer er meerdere of duurdere voorzieningen nodig zijn, zoals een aanbouw, is het voor de aansprakelijkheidsverzekeraar in veel opzichten voordeliger om (een deel) van de voorzieningen ook via de gemeente (Wmo) te laten verstrekken. De gemeente kan bijvoorbeeld zorgdragen voor levering, onderhoud, noodzakelijke vervanging en verzekering van deze voorziening. Echter, voor een slachtoffer met licht letsel die relatief goedkope voorzieningen nodig heeft, is het niet interessant gebruik te maken van de Wmo. Soms is er zelfs sprake van dubbele kosten. Immers de aansprakelijkheidsverzekeraar betaalt sinds 15 februari 2017 aan het slachtoffer de heffing van de eigen bijdrage terug.

Is het Wmo-convenant voor het slachtoffer wenselijk?

Nee. Veel gemeenten zijn niet bekend met het convenant waardoor trajecten onnodig lang kunnen duren. Daarnaast hanteren gemeenten andere criteria bij de beoordeling van maatwerkvoorzieningen dan de aansprakelijkheidsverzekeraar. Bijvoorbeeld: het slachtoffer met een vervoersprobleem maakt volgens het Wmo-beleid van zijn gemeente aanspraak op een vervoersvoorziening in de vorm van collectief vervoer en een scootmobiel om zich te verplaatsen. Deze oplossing kan vanuit het letselschadeperspectief toch als niet toereikend gelden. Bijvoorbeeld omdat het slachtoffer voor zijn ongeval een bepaalde levensstandaard had en over een auto beschikte. Een aangepaste auto sluit daar het beste bij aan.

Het slachtoffer heeft dan te maken met de Wmo én de aansprakelijkheidsverzekeraar waar hij een beroep op kan doen.

Om het slachtoffer te ondersteunen bij het realiseren van een oplossing die het meest aansluit bij de behoefte en levensstijl van het slachtoffer kan hij/zij gebruik maken van een letselschade-adviseur zorg en voorzieningen. Die adviseur wordt ingeschakeld door de belangenbehartiger van het slachtoffer en de aansprakelijkheidsverzekeraar. Hij biedt ondersteuning bij de Wmo-melding en regelt een adequate oplossing met oog voor de financiële consequenties van beide partijen: de Wmo en de aansprakelijkheidsverzekeraar.

Auteurs: Lisanne Havinga en Jacqueline Bakker

admin

admin